Arusha, Tanzania
|
Arusha, Tanzania Via ons contact bij Flying Medical Service in Tanzania, heeft Future For Kids kennis gemaakt met een van hun piloten, Pater Jacek, een jonge poolse priester, die al enige jaren de dokters rondvliegt. Pater Jacek (Jack) heeft een kleinschalig project in Arusha opgestart, welk helemaal bij de doelstelling van Future For Kids past. Zijn wens is een Centrum voor kinderen te bouwen waarvan de moeders in de nabijgelegen gevangenis bivakkeren. Deze kinderen zitten noodgedwongen bij hun moeder in deze gevangenis omdat zij daar van hen bevallen is of nog steeds wacht op de behandeling van haar zaak wat daar soms 10 jaar duurt. Leefomstandigheden zijn daar volstrekt ongeschikt voor de kinderen en elders is er geen opvang voor hen. Pater Jack is inmiddels begonnen voor hen een opvang buiten de gevangenis te bouwen. Een eerste gebouwtje staat er al, Future For Kids heeft dank zij een van onze sympathisanten ,Thea van Dijk, een waterput kunnen realizeren.
Het huis ligt in een klein dorpje (Mateves) op ongeveer 20 minuten rijden van Arusha. Er wonen momenteel zeven kinderen permanent (4 meisjes (Neema, Amina, Teresa & Paskalina) en 3 jongens (David, Tumaini & Patrik) in de leeftijd van 3-5 jaar, waarvan de moeders in de lokale gevangenis zitten en waar de omstandigheden niet goed zijn, zeker niet voor kinderen om in om te groeien. Helaas konden we de gevangenis niet bezoeken omdat deze niet toegankelijk is voor mzungu (buitenlanders). Één meisje dat eerst ook op het project woonde, woont inmiddels weer bij haar moeder nu deze uit de gevangenis is. Toen wij er waren woonde er nog een jongen van 7, Felician. Hij zit op een Engelse international kostschool in Arusha en had op dat moment vakantie. Hij is wees en komt uit een ander project dat men heeft in de omgeving van Dodoma waar zo’n 50 weeskinderen wonen. Hij sprak vloeiend Engels en hielp ons ook met de communicatie met de andere kindjes die nog niet zoveel Engels konden. Er is een moestuin en landbouwgrond op het terrein en een huis/stal waar kippen, kalkoen en konijnen worden gehouden. Men is dus gedeeltelijk zelfvoorzienend, de rest van de benodigdheden wordt elke zaterdag op de grote markt in Arusha gehaald. Ook is er stromend water en elektriciteit (behalve in de school) dat wordt opgewekt door middel van zonne-energie. Gekookt wordt er op gas. Douche en toilet zijn ook aanwezig (dat van de kinderen wordt momenteel aangelegd/verbouwd), maar “luxe” apparaten zoals een wasmachine, koelkast of oven niet. Er werken verder nog twee lokale vrouwen die helpen met koken, wassen, opruimen omdat de nonnen onmogelijk alles zelf kunnen doen. Tevens zijn er ook een aantal klusjesmannen die helpen. De kinderen worden goed verzorgd en krijgen goed te eten (elke dag vers uit eigen tuin omdat er geen koelkast is). Ze gaan elke ochtend tussen 8:30 en 12:30 naar de kleuterschool (St Gemma Nursery School) die op hetzelfde terrein ligt. Er zitten in totaal rond de 30 kindjes op school, die een kleine bijdrage moeten betalen. Ze krijgen Engelse les (het niveau is aardig hoog), maar ook les in Swahili. Sr. Flora geeft les op de school samen met een lerares uit Arusha. Ook de school ziet er verzorgd uit en de kinderen krijgen al tussendoortje een portie stevige pap. Wij hebben op school geholpen met het leren van een aantal Engelse kinderliedjes en geknutseld met de kindjes, muurschilderingen gemaakt op de buitenmuren van de school en het stenen op het schoolterrein geschilderd. Op de laatste dag hebben we een afscheidsfeestje gegeven met alles er op en eraan: het buitenspel “Schipper mag ik overvaren”, traktatie van Hollandse muisjes & vruchtenhagel, een versierd klaslokaal, kleurplaten, schminken, stoepkrijten, ballonnen, een grabbelton waar ieder een cadeautje uit mocht pakken en een bak met snoepjes. Dit was een groot succes en de kindjes gingen met hun handen vol, een geschminkt gezicht (we mochten het er uiteraard niet meteen afhalen) en een grote glimlach op hun gezicht terug naar huis; ook hebben we pennen, papier, schriften, knutselspullen en leesboeken in Engels en Swahili aan de school gegeven. Het meeste is aanwezig op school (zelfgemaakt door sr Flora) maar voor extras is niet veel geld en de schriftjes waar het huiswerk van de kinderen in gemaakt werd, waren oude vodjes waarin met potlood werd geschreven en het telkens weer werd uitgegumd zodat het hergebruikt kon worden. In het huis hebben we vooral extra aandacht aan de kinderen gegeven. Ze worden zeer liefdevol opgevangen maar soms is er gewoon geen tijd voor die extra aandacht die juist deze kinderen met een moeilijke start zo hard nodig hebben. We hebben met ze gevoetbald, gekleurd, gedanst en liedjes met ze gezongen. Vooral het kleuren was een groot succes. De 1e keer eindigde dit in een “gevecht” om de kleurpotloden (terwijl er echt genoeg was voor iedereen) maar na een aantal keer uitleggen en toen ze doorhadden dat er echt genoeg was voor iedereen, werd er gedeeld en zat iedereen rustig en lief te kleuren en waren ze zo ontzettend trots toen ze hun kleurplaat aan de muur mochten hangen. De kinderen worden opgevoed met ritme en op kerkelijke wijze. Ze gaan elke zondagochtend naar de kindermis die wordt gehouden speciaal voor kinderen in de kerk in Burka, een voordorpje van Arusha. En verder wordt er gebeden voor het eten en gaan ze elke avond voor het eten even naar de kapel die op het terrein ligt. Een goed moment van rust voor deze kindjes, die anders bijna nooit stil zijn of rustig zitten. Het project loopt dus goed, maar men is van plan om het nog verder uit te breiden zodat er nog meer kindjes (evt. uit het weeshuis bij Dodoma) bij kunnen en zodat deze kindjes iets meer ruimte krijgen om te slapen (de slaapkamer staat nu vol met bedden). Ook wil men een overdekking bouwen tussen de school en de toiletten (die in een huisje op zo’n 15 meter van de school vandaan zijn), zodat de kindjes in het regenseizoen droog naar het toilet kunnen lopen. Het project wordt niet door een vaste factor gefinancierd en is dus afhankelijk van giften. Arusha, Tanzania (augustus 2009) Het gaat goed met het project in Tanzania. Door regelmatig contact te hebben met sister Flora per telefoon of per e-mail blijven we goed op de hoogte van het project. Chantal
Habari za Tanzania update 3, (oktober 2009) Hierbij nieuws (habari) over het project in Mateves, Tanzania: het St. Gabriels Children Home en de St. Gemma pre-& primary school. De laatste twee weken van oktober ben ik (Chantal) samen met een vriendin (Zamirah) weer naar Tanzania gereisd met een zware backpack vol ingezamelde en gekochte knutselspullen, knuffels en andere cadeaus. Nog bedankt aan iedereen die hieraan een bijdrage heeft geleverd. Of zoals ze in Tanzania zeggen: Asante sana! We hebben de kinderen vooral beloond met de o zo nodige aandacht en liefde. Ook hebben we met ze geknutseld op school en thuis, spelletjes zoals bingo gespeeld en ze liedjes en dansjes (o.a. de Macarena) geleerd. Dit alles met hulp van vrijwilligster Isabella die een aantal maanden op het project blijft via Projects Abroad. De laatste twee schooldagen voor ons vertrek hebben we net als vorig jaar een afscheidsfeestje gegeven met een grabbelton (cadeautjes voor 74 kinderen was nogal een inpakwerk), snoepjes, zaklopen, kleuren, maskers maken en schminken. Wederom een groot succes. Onze laatste avond hebben we ook thuis een afscheidsfeestje gegeven voor de zusters en de kinderen. We hadden de allerlekkerste chocolade taart gekocht (van een café dat zijn naam “Chocolate Temptation” zeker eer aandoet), de kamer versierd met slingers en ballonnen, plastic “toeters” en Jip & Janneke rietjes. Een gezellige boel dus! De kindjes hebben ons bedankt met een mooie kaart en liedjes. Het was weer een feest om terug in Tanzania te zijn. Het gaat allemaal erg goed met het project en het is flink uitgebreid sinds vorig jaar. Er wonen nu 11 kindjes en verder woont Felician, die op de International School in Arusha zit, er in de vakanties. Er is een nieuw woonhuis bijgebouwd met hierin twee slaapkamers, eentje voor de jongens en eentje voor de meisjes. Iedereen heeft een eigen bed dit keer. In de oude overvolle slaapkamer sliepen alle kindjes bij elkaar en deelden de kleintjes soms een bed. Het huis staat nu officieel ingeschreven bij de Tanzaniaanse overheid en de aparte kamers waren hiervoor een vereiste. De kinderen zijn begin november verhuisd naar het nieuwe huis. Het oude huis is gedeeltelijk opgeknapt en van de oude slaapkamer willen ze een speelkamer maken. Hier is nog geld voor nodig. Ook de school is uitgebreid. Naast de kleuterklas is er nu een eerste klas van de basisschool bijgekomen, waar men vakken zoals Engels, Swahili, gym, handvaardigheid en wetenschap geeft. In de pauze krijgen de kinderen uji , pap gemaakt van maïsmeel en sorghum, waar men allerlei gezonde ingrediënten aan toevoegt. Er zitten nu 74 kindjes op school en de klassen zitten vol. Er is een nieuwe lerares bijgekomen, een Tanzaniaanse stagiaire, een nieuwe non die les geeft; voor Engelse les maakt men gebruikt van vrijwilligers via Projects Abroad, waar het project sinds kort staat ingeschreven. Toen wij er waren was de Nederlandse Isabella er, maar eerder waren er o.a. vrijwilligers uit Oostenrijk en Engeland. Omdat zuster Flora (de hoofd non) graag een volledige basisschool van de school wil maken is er dringend veel geld nodig om het schoolgebouw uit te breiden met extra klassen. Zij vertelde ons dat er veel aanvraag is van ouders uit de omgeving die hun kinderen graag naar deze school willen sturen, maar op dit moment is de school helaas vol. De ouders betalen schoolgeld voor hun kinderen en een bijdrage voor het lesmateriaal, echter alleen als ze dit kunnen betalen. Tevens heeft een groep ouders samen een dala dala (busje) met chauffeur ingehuurd die dienstdoet als schoolbus en de kindjes die ver weg wonen naar school brengt en weer ophaalt. De corridor, door Future For Kids gefinancierd, is gebouwd. De kindjes kunnen nu droog naar de wc lopen vanuit hun klaslokaal als het regent (en dat doet het nu tijdens het regenseizoen veel); tevens bleek de corridor ook een ideale locatie te zijn voor het zaklopen tijdens ons afscheidsfeestje. Tijdens dit bezoek hebben we de kans gekregen om op bezoek te gaan bij een moeder in de gevangenis. Dit was erg bijzonder omdat in de gevangenis van Arusha waar de meeste moeders van de kinderen zitten, wazungu (buitenlanders) absoluut niet worden toegelaten. Dit bezoek was erg emotioneel, mede doordat het kindje (de jongste van twee) haar moeder niet meer herkende. Ondanks dit was de moeder toch dolgelukkig om haar dochtertje weer te zien en te weten dat ze het goed maakt. We zagen daar nog twee kleine kindjes met hun moeder achter de tralies. Zuster Flora is van plan om haar project uit te breiden en ook de kinderen uit de drie andere gevangenissen in het district Arusha op te vangen. Hiervoor moet het huis verder uitgebreid worden en is dus ook meer geld voor nodig. Één van de meisjes (Amina) die vorig jaar nog in het huis woonde, woont nu weer thuis bij haar moeder die vrijgelaten is uit de gevangenis. Amina is samen met haar moeder op bezoek geweest in haar oude huis en maakt het verder goed. Ze mist haar broertjes en zusjes wel, maar mag zo vaak langskomen als ze wil om te komen spelen. Ook is er regelmatig telefonisch contact om te kijken of het allemaal goed gaat. Ook is er een televisieploeg langs gekomen van TBC (Tanzanian broadcasting cooperation) om de kinderen en het project te filmen voor een middag. Deze mensen maken een serie programma’s over opvanghuizen en weeshuizen in Tanzania. Het programma zou in november worden uitgezonden op nationale televisie. Het project loopt goed, maar heeft nauwelijks vaste inkomsten en is dus nog afhankelijk van giften. Zeker nu is er veel geld nodig voor de uitbreiding van de school en later ook voor die van het huis zodat er nog meer kindjes geholpen worden en een menswaardig bestaan buiten de gevangenis krijgen. Dus is jullie steun hard nodig!
|
|
Chiang Rai, Thailand Ik loop het terrein van het Catholic Center in de Chiang Rai provincie op. Een oase van rust komt op mij af. In de verte hoor ik spelende kinderen. De hoge klanken van de mooi klinkende Thaise taal. Deze klanken hebben ze hier mogen leren. De kinderen zijn namelijk Akha, met een eigen taal en cultuur. Akha is één van de vele bergstammen in het hoge Thaise Noorden. Een vriendelijk ogende priester stapt op mij af. Zijn naam is Alberto Pensa, hij is zo’n 28 jaar geleden overgekomen uit Italië. Hij ontvangt mij hartelijk en laat mij kennismaken met zijn Center. Onder de indruk besluit ik daar vrijwillig werkzaamheden te gaan verrichten. Grote potten verf en een paar kwasten worden ingekocht, ik begin met het schilderen van een gebouw. Gaandeweg leer ik de kinderen en de leiding beter kennen. Wat een fantastische wijze om zo kinderen te helpen! Kinderen aan wie onderdak wordt verleend en die de kans krijgen naar de basisschool te gaan. Meisjes van twaalf die niet die kans hebben gekregen krijgen alsnog de kans een opleiding Thaise taal, rekenen en confectieontwerpen te volgen. Na deze vierjarige opleiding vinden ze allemaal een baan. Ieder jaar komen de oud-leerlingen terug naar hun Center. Ieder jaar helpen zij het Center met een gift om hun andere stamgenootjes ook een kans te geven. Ze zijn gelukkig. Al enige jaren heeft Father Pensa de plannen een groter schoolgebouw te laten bouwen. Hij wil oude bestaande gebouwen vervangen door één gebouw. Meer kinderen kunnen zich dan nog beter ontwikkelen. De financiële middelen ontbreken. De stichting Future for Kids wil zich de komende jaren gaan inzetten voor dit Center. |
Bezoek Technische School Don Bosco, Het was warm. Heel warm. Er liep een koe op het sportveld. Volgens Father Visser het enige groene veld in de omgeving. De jongeren groetten ons vriendelijk en hun houding was er één van dankbaarheid: zij krijgen een kans, doordat ze daar lopen. Zelfrespect door een goede opleiding. De school bestaat uit een aantal verschillende flinke gebouwen. Elk gebouw werd mogelijk gemaakt door sponsors. Niet alleen wordt Don Bosco met geld geholpen. Ook komen vrijwilligers cursussen geven op de school. Bijvoorbeeld als wij er zijn, is er een Nederlander die ieder jaar elektrotechniek komt geven. Met handen en voeten en door te zien wat er gebeurt, begrijpen hij en de jongens elkaar. Er staat een digitale drukpers, maar niemand weet hoe die werkt. Een gift. Daar komt iemand van de zomer een cursus over geven. Er is een afdeling werktuigbouw (o.a. lassen en frezen), autotechniek, druktechniek en elektronica (o.a. practicum elektriciteit in huizen aanleggen, computerzaal). Elke afdeling neemt commerciële opdrachten aan om het geleerde in praktijk te brengen en er een centje aan te verdienen. In de autowerkplaats bijvoorbeeld, worden voornamelijk brommertjes gerepareerd, het vervoermiddel van de Cambodjaan. Doordat de meeste (les)boeken tijdens de oorlog zijn vernietigd, worden op school nieuwe geschreven en in de drukkerij gedrukt en vermenigvuldigd. Stichting Future For Kids ontfermt zich voorlopig over twee kinderen aan de Technische School. Zij krijgen gratis kost, inwoning en de tweejarige opleiding, zodat ze een kans hebben op een waardige toekomst waarin ze in hun eigen levensonderhoud kunnen voorzien.
|
|
|
Xinjiang, China In Xinjiang, een stad in de arme provincie Shanxi in noord China, staat een weeshuis waar geestelijk en lichamelijk gehandicapte kindjes worden opgevangen. Dit weeshuis wordt gerund door pater Duan en een aantal zusters van de rooms-katholieke kerk. Vanwege het enorme taboe dat in China heerst over een handicap (zeker in de wat “achtergestelde” provincies) en de hevige armoede die er heerst in Shanxi, worden veel baby’s die geboren worden met een voor Nederlandse begrippen redelijk “lichte” en goed behandelbare handicap (hazenlip, open ruggetje, klompvoetje etc) helaas vaak te vondeling gelegd. In dit weeshuis heb ik in 2007 met een groep Nederlandse jongeren o.l.v. Code-X International vrijwilligerswerk gedaan. In 2006 was er ook al een groep vanuit Nederland geweest en nu worden er nog regelmatig vrijwilligers op individuele basis naartoe gestuurd. In 2007 vond de verhuizing van het oude weeshuis naar het grotere en lichtere nieuwe weeshuis plaats. Dit nieuwe weeshuis is medegefinancierd door hulp vanuit Nederland en ook officieel erkend door de gemeente Xinjiang, waardoor de kinderen nu ook officieel geregistreerd staan (dit was hiervoor niet het geval). In het weeshuis woonden op het moment dat wij er waren ongeveer 20 kinderen. Helaas was (en is) er te weinig personeel om de juiste hoeveelheid aandacht en verzorging aan de kinderen te geven en hulp uit Nederland werd dan ook erg gewaardeerd. De taken van de vrijwilligers bestonden uit de dagelijkse bezigheden zoals de kinderen helpen met opstaan, eten, wassen, naar bed brengen, luiers (gemaakt van oude lappen en een lintje) verschonen, maar vooral veel aandacht geven en met ze spelen; vooral een ritje in 1 van de bakfietsen (gefinancierd door de groep van 2006) was erg geliefd; ook hebben we muurschilderingen van o.a. Nijntje, dieren en Barbapapa gemaakt om de kamers op te fleuren. Met het geld dat door de groep van 2006 is opgehaald konden al veel kindjes geopereerd worden aan hun handicap, zo is bijvoorbeeld Mingda verlost van zijn klompvoetje en Peng Peng geopereerd aan zijn hazenlip. De verder gezonde kinderen gaan naar school toe en voor een aantal is al een pleeggezin gevonden. Met het geld dat in 2007 is opgehaald (waaraan Future for Kids een bijdrage heeft geleverd) is o.a. een verwarmingsinstallatie gefinancierd. Verder wordt het geld gebruikt voor beter eten, operaties en onderwijs. Helaas worden er nog regelmatig kinderen te vondeling gelegd en komen er af en toe nieuwe kindjes bij die geopereerd en opgevangen moeten worden, daarom is blijvende financiële steun van belang voor dit weeshuis.
|